 |
Geboren: 4 maart 1938(Gent)
Overleden: nvt
In onze Bibliotheek: "Het Taalminnend Studentengenootschap 't Zal Wel Gaan(1852-1977)"
Situering: Geschiedenis, Vlaamse Beweging Biografie: Herman Balthazar, bij het breder publiek misschien beter gekend als gouverneur van Oost-Vlaanderen, heeft ook als historicus baanbrekend werk verricht. Vandaar dat een aantal van zijn leerlingen een liber amicorum uitgeven. De redacteurs zijn Bruno De Wever en Gita Deneckere en met deze laatste hadden we een gesprek.
Het liber amicorum draagt de titel "Geschiedenis maken" en deze titel verwijst nu juist naar het belang van Herman Balthazar voor het historisch onderzoek van de nieuwste geschiedenis. U hoort Gita Deneckere.
Gita Deneckere: _Ik denk dat hij op 3 terreinen zijn sporen heeft verdiend. In navolging van zijn leermeester, Jan Dhondt is hij zich altijd scherp bewust geweest van het feit dat je geschiedenis effectief moet maken, organiseren, structureren - daar ruimte voor maken. Dus, waar dat Jan Dhondt eigenlijk de nieuwste geschiedenis op de kaart heeft gezet door bibliografieën aan te leggen, werkinstrumenten, bronnenpublicaties zoals de mediaevisten, onderzoekers die met de middeleeuwse geschiedenis bezig zijn, op een zelfde manier heeft Jan Dhondt en dan zijn leerlingen, Balthazar en Romain Van Eenoo eigenlijk de nieuwste geschiedenis georganiseerd. Balthazar is daar dan ook een stap verder in gegaan. Met zijn belangstelling voor de arbeidersbeweging heeft hij de geschiedenis van de arbeidersbeweging voor een stuk gemaakt door de oprichting van het Amsab, het Archief en Museum van de Socialistische Arbeidersbeweging in Gent dat nu uitgegroeid is tot een instituut voor sociale geschiedenis. Dus ik denk dat dat een eerste terrein is waar Balthazar een heel belangrijke pioniersrol heeft gespeeld. Tweede terrein is dan de geschiedenis van de tweede wereldoorlog waar hij samen met een aantal andere eminente specialisten zoals Jean Stengels, José Cottovich, Lode Wils, de geschiedenis van de tweede wereldoorlog eigenlijk op een andere manier is gaan bekijken. Hij heeft de nogal sterk gepolariseerde beeldvorming daarover doorbroken en meer aandacht besteed aan de grijswaarden, aan de nuances. De beeldvormingen in termen van zwart/wit, van de goeden en de slechten, van de helden en de verraders heeft genuanceerd door de beweegredenen van collaboratie en verzet te gaan onderzoeken.
Een 3de terrein waarop Herman Balthazar als historicus, een pioniersrol heeft gespeeld is de industriële archeologie.
Gita Deneckere: _De industriële archeologie is een sub-discipline denk ik van de geschiedenis die omstreeks de jaren 70 tot bloei is gekomen. Ook daar was Herman Baltazar eigenlijk als de kippen bij om daar de WIARUG mee op te richten. De WIARUG, de Werkgroep Industriële Archeologie van de Universiteit Gent die zijn actief geweest om het industriële erfgoed dat in de jaren 70 natuurlijk aan belang won door het feit dat er een verschuiving optrad in de economie, in de industrie. Balthazar heeft daar een aantal projecten geleid o.a. een onderzoek dat nog altijd heel vaak geciteerd wordt naar de Gentse beluiken. Die sociale dimensie van de industrialisering interesseerde hem zeker in die tijd buitengewoon en zijn onderzoek naar de Gentse beluiken is toch een belangrijk project geweest."
De titel van het liber amicorum Geschiedenis maken heeft specifiek voor Herman Balthazar nog een betekenis. Hij is immers geen wetenschapper die zich opsluit in zijn ivoren toren. Herman Balthazar wilde heel bewust zelf de geschiedenis meemaken. Vandaar zijn politiek engagement.
Gita Deneckere: _Tweede betekenis van de titel 'Geschiedenis maken' verwijst naar hemzelf aangezien hij als intellectueel zich nooit heeft willen opsluiten in de academische ivoren toren en eigenlijk de geschiedenis die gebeurde altijd heeft willen meemaken, beleven, bekijken, bestuderen maar ook zelf maken; dus zijn politieke carrière die hij dan uitgebouwd heeft naast zijn academische, levert daar voldoende aanwijzing voor._
Die politieke carrière heeft Herman Balthazar uitgebouwd binnen de socialistische partij. Onze vraag is dan of zijn sterk sociaal engagement geen belangrijke rol gespeeld bij de thema_s die hij onderzocht heeft? En daarbij aansluitend: kon hij hierdoor voldoende afstand nemen om aan objectieve geschiedschrijving te doen?
Gita Deneckere: _Zijn engagement is zeker een verklaring voor de onderwerpen en de thema's waar hij zich mee heeft bezig gehouden, waar hij in geïnvesteerd heeft, waar hij ook andere mensen aan het werk heeft gezet. Anderzijds denk ik ook dat hij in verband met die emancipatorische geschiedenis met die, dan misschien in zijn geval vooral, de geschiedenis van de arbeidersbeweging een stap verder heeft gezet. De mythologie die daar rond aanwezig was, zeker in de jaren 60 nog, heeft hij telkens proberen te doorbreken door eigenlijk andere aspecten aan bod te laten komen door ook de mislukkingen, de figuren, de verguisde figuren een plaats te geven. Dus de mythologie, die vaak aanwezig is, rond geëngageerde geschiedschrijving is, o.a. door iemand als Balthazar opnieuw genuanceerd. De kritische afstand is zeker aanwezig of is niet incompatibel met dat engagement waar dat hij ook nooit een geheim van heeft gemaakt. Het onderzoek van een figuur als Hendrik De Man die binnen de socialistische beweging eigenlijk taboe was in een bepaalde tijd, dus het onderzoek van zo iemand is voor een groot stuk door Balthazar gedaan._
|